Vanmorgen had ik een onverwachte ontmoeting met een sportief geklede man, die zijn fiets afstapte toen hij mij zag aankomen met de hondjes. Ik had hem nooit eerder gezien, en waarschijnlijk hij mij wel. " Hoe is het met de Kooikers" vroeg hij familiair. " Het valt mij elke keer weer op hoe goed ze naar U luisteren". In een valse bescheidenheid probeerde ik dit compliment enigszins van mij af te schuiven, maar via het lange verhaal van hondjes in de opvoeding, belandden wij bij de vogels die er vandaag lustig op los kwetterden langs dit pad waar wij stonden. Hij had een verrekijker bij zich, maar waarvoor dat was wist ik niet, het kon van alles zijn.
Maar toen, zijn hoofd schuin houdend: " Hoor daar heb je een vitus". Die gaat zo: "Trrrtuuuttttietiett [of zoiets]. En toen wijzend naar een punt aan de andere kant van het pad: ' Hoor daar heb je een groenling". Wijzend terug: " en daar weer de vitus". Op de kaart van de Vogelbescherming op de ijskast geplakt, komen deze vogels niet voor. Hij was een kenner dus. Toen hij een winterkoninkje hoorde, probeerde ik het geluid vast te houden. In mijn tuin heb ik een beeld van een winterkoninkje gemaakt door Martin Griek, en hoe ik ook op de vogels let en een winterkoninkje er uit tracht te halen, ik heb ze nog niet gezien.
Jaloers vervolgde ik mijn weg, hoe weet die man dat en hoe weten sommige mensen dat, die hier bij ons thuis zijn. Het is een paar uur geleden, maar om te zeggen hoe een vitus zingt....? Geen idee.